Amerikaanse Waterkreeft bedreigt biodiversiteit veenweidegebied

Zonder een goed beheersplan om de Amerikaanse Waterkreeft te bestrijden hebben we straks lege sloten en sterk verzwakte slootkanten. Dit zegt beroepsvisser Hans van der Laan, die dagelijks erop uittrekt om met zelfgemaakte fuiken te vissen op deze schadelijke exotische rode rivierkreeften. In aanloop naar de provinciale en waterschapsverkiezingen op 20 maart ging Team CDA op pad met deze gepassioneerde visser. Het CDA wil zich zowel in de Provinciale Staten als in het Waterschap nadrukkelijk inzetten voor een goed beheersplan, het legaliseren van de vangst van de kreeften en het behoud van de biodiversiteit in het Groene Hart. 




Ruim dertig jaar geleden kwam de Amerikaanse rivierkreeft niet voor in Nederland. Nu schatten kenners dat er vele honderdduizenden kreeften in de Nederlandse wateren zitten. Ze zitten vooral in stil of langzaam stromend water zoals sloten en grachten. Vooral in de poldersloten van het Groene Hart zijn er veel; daar wordt per hectare oppervlaktewater tot 800 kilo rivierkreeft gevonden.

Hans van der Laan legt uit wat de schadelijke effecten zijn van deze rode veelvraten: “Ze vreten de wortels en knoppen aan van waterplanten als Krabbescheer en Waterlelie en ze zijn dol op kuit van vissen en eten jonge visjes op.” Hierdoor wordt de visstand aangetast en verdwijnen zeldzame broedvolgels als de zwarte stern, die broedt op Krabbescheer. In feite wordt de hele voedselketen aangetast en heeft het gevolgen voor alle dier- en plantensoorten ons prachtige veenweidegebied. Daarnaast boren de kreeft diepe gangen en holen in de zachte veenslootkanten tot wel een meter lang. Hierdoor verzakt de kant over de hele lengte van de sloot. “Op lange termijn hebben we lege sloten zonder waterplanten met alleen maar kreeften, nauwelijks nog vis en afkalvende en verzakte slootkanten.”

Lijsttrekker voor het CDA van het Hoogheemraadschap Rijnland Hans Démoed is onder de indruk van wat hij hoort en ziet. “Het waterschap zet zich in behoud van het veenweide landschap, dat hier ruim 4 meter onder de zeespiegel ligt. Wij vinden het van groot belang dat de kreeften worden weggevangen om het probleem beheersbaar te houden en de biodiversiteit te behouden.

Visser Hans heeft drie wensen als het gaat om het wegvissen van de kreeften. Hoewel hij een vergunning heeft voor het vangen van de kreeften, is het officieel niet in de visserijwet verankerd en wordt het nu gedoogd. Dit moet veranderen en gelegaliseerd worden.
Ten tweede geldt er nog een officieel algeheel visverbod voor 3 maanden in het najaar van september tot en met november voor beroepsvissers. Hans wil graag dat er een uitzondering wordt gemaakt voor de rivierkreeften en dat deze het jaarrond mogen worden bevist.
Als derde punt pleit de visser ervoor dat er geld wordt vrijgemaakt voor het beheersplan. ”Het beheer van de natuur kost geld, dus waarom wordt hier geen geld voor vrijgemaakt?” zo vraagt de visser zich hardop af.

Hans Démoed zegt toe zich hiervoor maximaal te gaan inzetten bij het waterschap. Om toch wat te kunnen verdienen verkoopt Hans de kreeften aan restaurants in het Groene Hart als lokale delicatesse. Dat gaat goed, maar in de zomermaanden heeft hij meer vangst dan hij kwijt kan aan zijn afzetkanalen. Hij probeert nu om de vangst mee te laten liften met de garnalenvangst, zodat de kreeften net als de garnalen worden gepeld en terugkomen voor de vishandel. Een kilo kreeft levert ongeveer 250 gram rivierkreeftstaartjes op. In de zomermaanden kan de vangst oplopen tot ruim 300 kilo per week.

Wethouder Dirk-Jan Knol en nummer 32 op de lijst van Rijnland: “Ik maak me hard voor ons schitterende veenweidegebied en dan moeten we alles doen om de rode kreeften te bestrijden. Als we niet uitkijken vreten die kreeften letterlijk ons Groene Hart kapot! Voor de muskusrat hebben we ook een bestrijdingsplan en dat moet er ook komen voor de Amerikaanse Rivierkreeft.”

Ook Jaco Kastelein, nummer 6 voor het CDA bij de Provinciale verkiezingen: “Ik zie als agrariër de schade die de kreeften aanbrengen iedere dag. Ook in de Meije zitten ze volop. Het CDA strijdt voor het behoud van dit unieke cultuurerfgoed met zijn slagenlandschap en uitwaaierende veenweides. Ik ben de enige uit het Groene Hart die op een verkiesbare plaats staat en roep mensen op mij te stemmen om de belangen van het Groene Hart goed te kunnen verdedigen.”

Hans zet een paling die in de fuik is gezwommen weer terug in de sloot: “Die is nog te klein en moet nog even groeien. Hopelijk kunnen we over 10 jaar nog genieten van de vele soorten planten en waterdieren. Als we nu geen goed plan maken en de kreeften gaan bestrijden, is het straks te laat!”

 















X